Boom van de maand mei 2008

Van februari tot ver in de zomer bloeien er in het Cantonspark Rhododendrons. Vooral in april en mei zijn er dat zoveel dat vaste bezoekers juist die maanden benutten om kleurrijke plaatjes van het park te schieten.  Met name de hoog opgeschoten Rhodo’s rond de colonnade waren in dat opzicht erg in trek, maar sinds bijna 2 jaar hebben we die struiken kniehoog gekortwiekt om de monumentale colonnade  beter tot zijn recht te laten komen. Tevens werd daardoor bereikt dat de colonnade wat minder aantrekkelijk werd voor bezoekers die besloten hoekjes prefereren voor allerlei ongewenst gedrag. Naar het zich laat aanzien is die opzet geslaagd.  Bovendien herstellen de betreffende Rhodo’s zich uitstekend, maar in een vorm die zich beter in toom laat houden dan de vroegere wildernis.
Er is op Rhododendron en Azalea gebied  overigens nog op allerlei andere plaatsen in het park  heel wat te beleven.  Recent zijn er nog een groot aantal kleine struikjes geplant nabij de aanmerkelijk opgeschoonde vakken langs de Abel Tasman laan.
Als boom van de maand mei willen we dit keer de aandacht vestigen op de geelbloemige soorten,  waarvan we al sinds jaar en dag enkele oudere exemplaren bezitten, die in de maand mei niet alleen opvallen door hun gele kleur, maar met name ook door de sterke en aangename geur van hun bloemen. Een van de fraaiste staat bij de vijver, nabij het begin van de Pergola.  Hij staat officieel te boek als de Pontische azalea, maar is in de wandeling beter bekend als de Gele rhododendron.  In het latijn werd hij vroger algemeen Azalea pontica genoemd maar naar  recente opvattingen moet dat Rhododendron luteum  ziin. Op de grote variëteit van met name honderden cultivars, alle met eigen namen die eigenlijk alleen van belang zijn voor de handel, gaan we hier maar niet in. Onze Gele rhododendrons hebben grote gele bloemen met oranje vlekken, die vóór de bladeren verschijnen en een heel zware, maar aangename geur verspreiden.
Er staan her en der verspreid nog meer gele rhodo’s in het park, die allemaal net iets van elkaar verschillen, in grootte, kleur en vorm van de bloemen en bladeren en waarschijnlijk tot verschillende cultivars behoren.  Net als bij  een aantal bomen of struiken, behorende tot enkele andere, veel in het Cantonspark  aangeplante genera, zoals de Toverhazelaars en vooral vertegenwoordigers van de Cypressenfamilie  moeten velen daarvan opnieuw gedetermineerd worden, omdat de oorspronkelijke gegevens, die mogelijk bij de aankoop of aanplant wel bekend waren, verloren zijn gegaan.
Maar dit zijn perikelen waar de doorsnee wandelaar eigenlijk niets mee te maken wil hebben, omdat die hem maar zullen afleiden van datgene waar hij of zij tenslotte voor gekomen is: genieten van de grote diversiteit die het park de bezoeker elke lente opnieuw, te bieden heeft.