Boom van de maand
Perzische parrotia (Parrotia persica)
Januari is bij uitstek de maand waarin veel vertegenwoordigers van de Toverhazelaarfamilie (Hamamelidaceae) in bloei raken. Hartje winter dus, en vorst en sneeuw remmen ze nauwelijks. Op nieuwjaarsdag van dit jaar stond onze Perzische parrotia in bloei, en dat hebben we jaren lang niet meegemaakt. Meestal maakte de boom wel hier en daar een enkel klein trosje minuscule bloemen maar dit jaar zitten alle takken vol ! De bruine, behaarde knoppen gaan open en de bloemen komen tevoorschijn. Het zijn niet meer dan bosjes met meeldraden die niet op zouden vallen als ze niet bloedrood zouden zijn. Het zijn kleine juweeltjes die fraai afsteken tegen de winters kale takken. Later in het jaar ontstaan de kleine groene tot bruine eivormige vruchtjes die hoogstens één cm hoog worden,en op de top een klein hoorntje dragen. Deze vallen dan veel minder op, in een periode waarin er zoveel meer te bewonderen valt.
De Parrotia is een kleine boom of struik, in het Cantonspark flink uitgegroeid is tot een laag bij de grond vertakkende boom, wat karakteristiek is voor de soort. Parrotia’s ontwikkelen zich verschillend, in afhankelijkheid van de omstandigheden. Op droge standplaatsen worden het echte bomen met een stam en een kroon, op vochtiger plaatsen worden het meerstammige, laag boven de grond vertakkende struiken, waarvan de hoofdtakken verder alle kenmerken hebben van de stam, inclusief de afbladderende schors. Onze Parrotia heeft duidelijk kenmerken van beide typen. De kroon van een vrijstaande Parrotia is min of meer afgeplat bolvormig, soms in één richting min of meer uitgetrokken. Goed ontwikkelde Parrotia’s zijn daardoor van ver herkenbaar. Helaas is ons toch nog fraaie exemplaar in het verleden niet goed gesnoeid, althans niet met aandacht voor zijn heel karakteristieke vorm.
Naast de spectaculaire bloei heeft de boom fraaie donkergroene bladeren die in het najaar oranje- of koperrood kunnen verkleuren. In de winter laten van de grijsbruine schors dunne plakkaten los en tonen dan de onderliggende nieuwe schors die kleurig geel of roodachtig kan zijn, een verschijnsel dat de Parrotia gemeen heeft met Platanen.
Kortom, het is een boom die in elk seizoen wel iets bijzonders te bieden heeft en het is geen wonder dat het een geliefde sierboom is geworden, nadat hij in de veertiger jaren van 19de eeuw ontdekt was door de duitse chirurg F. W. Parrot. Deze man is vooral beroemd geworden omdat hij de eerste westerling was die in 1829 de heilige berg Ararat in Turkije mocht beklimmen. Van deze berg wordt gezegd dat de ark van Noah daar voor het eerst, na de zondvloed en een lange tocht, weer aan de vaste wal aanmeerde. Of Noah ook stekjes van de Parrotia aan boord had vertelt het verhaal niet.
Voor de bomen van de maand zie ons archief
