Boom van de maand
De Douglasspar - Pseudotsuga menziesii
De Douglaspar werd in 1792 ontdekt, in British Columbia, maar pas 35 jaar later in Europa
geïntroduceerd door David Douglas, één van de belangrijkste botanische ontdekkingsreizigers ooit. Sindsdien is de boom wijd verspreid geraakt en geldt nu als een van de meest aangeplante exoten in West Europa. Douglas zag er een aanwinst in voor de bosbouw en de houtproductie, en hij heeft gelijk gekregen.
Op Baarns grondgebied ontbreekt hij in geen enkel bos en in veel bospercelen staan alleen Douglassparren. Maar ook als park – en tuinboom is het een algemene verschijning.
De boom is vooral in de jeugdjaren opvallend slanke verschijning met een enigszins toegespitste top. Later wordt de vorm van de kroon wat meer ovaal. Alleenstaande bomen in parken worden overigens breder dan bomen in het bos. Die vorm heeft o.a. te maken met het licht, maar ook met het feit dat de bovenste takken min of meer afstaand of opstijgend zijn en de onderste meer afhangend.
De stammen zijn ideaal voor de bosbouwer: kaarsrecht en in het onderste deel zonder zijtakken. De dikke schors heeft iets kurkachtigs en heeft met het klimmen der jaren steeds diepere lengtegroeven. Ze worden hier hoogsten 50 meter hoog, maar de oudjes in de N. Amerikaanse bossen kunnen tot 100 m hoog worden en behoren daarmee tot de hoogste bomen ter wereld. . Maar daar gaat het dan ook om bomen die onder gunstige omstandigheden 500 tot 700 jaar kunnen worden.
De aan de bovenkant glanzend donkergroene naalden hebben aan de onderzijde twee witte strepen; ze staan in in twee rijen, en zijn tot 3,5 cm lang. Een ander opvallend kenmerk zijn de roodbruine, toegespitste knoppen, die wel wat op beukenknoppen lijken. Jonge naalden kunnen, fijngewreven, een frisse fruitige geur verspreiden, waarin sommigen de geur van de sinasappel herkennen.
De bloei is onopvallend maar met name de vrouwelijke bloemen groeien binnen een half jaar uit tot karakteristieke, hangende kegels, die onmiskenbaar zijn doordat tussen de kegelschubben vandaan lange drietandige dekschubben uitsteken.
Wij hebben in het Cantonspark verschillende exemplaren van deze soort. Die op de foto staat bij de zijuitgang aan de Abel Tasmanlaan. Onder de boom liggen het hele jaar door oude en verse kegels die de herkenning.altijd vergemakkelijken. Een andere, vrij grote Douglasspar staat aan de andere kant van het park, dicht bij de Heemskerklaan en kreeg in de Gids voor het Cantonspark nr. 31c.
Deze boom van de maand is dus niet gekozen wegens zijn zeldzaamheid, maar juist omdat het een in park en bos algemeen voorkomende soort is die iedereen eigenlijk moet kunnen herkennen.
Voor de bomen van de maand zie ons archief
